<< terug

Over Pierre Cuypers

Petrus Josephus Hubertus Cuypers

Pierre Cuypers:
geboren in Roermond op 16 mei 1827, overleden in Roermond op 3 maart 1921
[zie de stamboom on line]

credo spero amo (ik geloof, hoop en bemin)

Cuypersjaar
Op 16 mei, de verjaardag van de bekende Roermondse architect Pierre Cuypers, is in het Stedelijk Museum Roermond het Cuypersjaar officieel van start gegaan. De 180-jarige was ‘zelf’ aanwezig bij de presentatie van de activiteiten, die in het Cuypersjaar plaats vinden. De Gemeente Roermond heeft besloten tot het uitroepen van een Cuypersjaar om deze bekende Roermondenaar en zijn werk te eren. Als bouwheer van onder andere het Rijksmuseum, het Centraal Station in Amsterdam, het sprookjesachtige kasteel De Haar in Haarzuilens bij Utrecht en – niet te vergeten – de vele kerken in den lande heeft hij ook buiten de stads- en provinciegrenzen naam gemaakt.

Roermond is echter dé plaats van Pierre Cuypers. Hij is er geboren en getogen, heeft er gewoond en is er begraven. Zijn graf op het Oude Kerkhof is recent nog gerestaureerd. In het Cuypersjaar (mei 2007 t/m mei 2008) vinden in Roermond tal van activiteiten plaats rond Pierre Cuypers. Exposities, rondleidingen, fietstochten, wandelingen, kamerconcerten, excursies, een etalageroute, lezingen, workshops en een heuse musical zijn een greep uit het grote aanbod aan activiteiten in Roermond.

Het Roermondse programma werd in een theatrale setting gepresenteerd in aanwezigheid van ‘Pierre Cuypers’. Veel gasten waren naar het museum gekomen om ‘de jarige’ te feliciteren. Burgemeester Van Beers verwelkomde iedereen en bracht een feestdronk uit. Vervolgens kreeg de feesteling het jaarprogramma voorgeschoteld. Een presentatie over de expositie die dit najaar in zijn voormalig woonhuis, het Stedelijk Museum Roermond, te zien is, beet de spits af. Daarna kon men genieten van impressies uit de musical over Cuypers. ‘Cuypers’ echtgenote Rosalia’ zong een lied. In vogelvlucht kwamen de andere activiteiten in het Cuypersjaar aan bod. Cuypers zelf las voor uit het boek, dat dit najaar verschijnt over zijn leven en zijn werk. Tot slot werd in de tuin een ANWB-paal onthuld met daar bovenop een beeldje van Cuypers.

Het is de bedoeling dat deze in de nabije toekomst in ‘t straatbeeld van Roermond terugkomen.

Pierre: de architect
Pierre Cuypers was een Nederlands architect. Zijn naam wordt vaak in een adem genoemd met het Centraal Station (1881-1889) en het Rijksmuseum (1876-1885), beide in Amsterdam. Van groter belang, en representatiever voor zijn oeuvre, zijn echter zijn vele kerken, waarvan hij er meer dan 100 bouwde.

Daarnaast restaureerde hij een groot aantal monumenten. Hij is van belang als de man die de architectuur in Nederland nieuw leven inblies en een nieuwe traditie van vakmanschap vestigde. Zijn invloed beperkte zich daardoor niet alleen tot zijn vele eigen leerlingen, ook architecten als H.P. Berlage en Michel de Klerk zijn in grote mate beïnvloed door Cuypers.

Cuypers was de zoon van een kerkenschilder en groeide op in een omgeving waarin belangstelling voor kunst werd aangemoedigd. Na zijn opleiding aan het Stedelijk College te Roermond vertrok hij in 1844 naar Antwerpen om er aan de Kunstacademie architectuur te studeren. Hier kreeg hij les van Frans Andries Durlet, Frans Stoop en Ferdinand Berckmans, allen pioniers van de neo-gotiek in België. Cuypers was een goede leerling; in 1849 slaagde hij en behaalde hij de Prix d’Excellence. Een van zijn examenstukken was het ontwerp voor een neo-gotische kerk.

Na een rondreis door het Duitse Rijnland, waar hij onder meer de in aanbouw zijnde Dom van Keulen bezocht, keerde hij terug naar Roermond, waar hij in 1851 tot stadsarchitect werd benoemd. In 1852 richtte hij met F. Stoltzenberg het Atelier Cuypers-Stoltzenberg op, waar kerkelijke kunst en meubelstukken werden vervaardigd. In Cuypers’ woonhuis bij het atelier, dat hij in 1853 bouwde, is heden het Stedelijk Museum Roermond gevestigd.

Cuypers was de eerste Nederlandse architect die zich verdiepte in de constructionele eigenschappen van de gotiek en het ook aandurfde die principes in de praktijk te brengen. Zo was hij de eerste architect sinds eeuwen die weer gemetselde gewelven toepaste. Zijn concurrent, de Duitser Carl Weber, die oorspronkelijk uit Keulen afkomstig was maar zich later eveneens in Roermond vestigde, toonde weliswaar een vergelijkbare interesse maar was conservatiever bij de toepassing van zijn kennis. Hoewel Weber waarschijnlijk de eerste in Nederland was die een neogotische kerk bouwde, was het Cuypers die voor een echte ommezwaai zorgde. Geleidelijk werd het decoratief toepassen van gotische vormen vervangen door de echte neo-gotiek waarbij de bouwkundige principes van de gotiek minstens zo belangrijk zouden zijn als de vormen. Om zijn kennis van de gotiek te vergroten volgde Cuypers in ca. 1854 enkele lessen bij de Franse architect E.E. Viollet-le-Duc, met wie hij bevriend raakte. Doordat Cuypers over een eigen werkplaats voor kerkelijke kunst beschikte was hij in staat kerken compleet met interieur te leveren.

Cuypers’ werk trok de aandacht van de katholieke schrijver Joseph Alberdingk Thijm, die Cuypers’ neogotische werk in het blad Dietsche Warande als de ware katholieke architectuur beschreef. Inderdaad zou na het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie in 1853 de neogotiek snel de katholieke stijl bij uitstek worden. Alberdingk Thijms reclame voor Cuypers had tot gevolg dat de architect vanaf 1859 ook boven de grote rivieren ging bouwen, te beginnen met de Sint-Laurentiuskerk in Alkmaar. Datzelfde jaar trouwde Cuypers met Alberdingk Thijms zuster Antoinette, indertijd een beroemd zangeres. Uit dit huwelijk werden 2 zoons en 3 dochters geboren, waaronder zoon Joseph, die later eveneens een beroemd architect werd. Uit een eerder huwelijk – zijn eerste vrouw overleed in 1855 – had Cuypers al 2 dochters.

Cuypers’ kerkelijke werk was aanvankelijk sterk beïnvloed door de 13e eeuwse Franse gotiek. Volgens Alberdingk Thijm moest de gotiek eerst opnieuw ontdekt worden voordat de architectuur verder kon worden ontwikkeld omdat de Reformatie voor een breuk in de traditie had gezorgd. Omdat Alberdingk Thijm de inheemse laat-gotiek als inferieur beschouwde moest de breuk eerder worden hersteld, namelijk met het hoogtepunt van de gotiek. Verspreid over Nederland bouwde Cuypers een groot aantal kerken waarin deze Franse invloed een vooraanstaande rol speelde. Hoogtepunten uit deze eerste perioden zijn onder andere de Sint-Lambertuskerk in Veghel en de Sint-Catharinakerk in Eindhoven. In beide gevallen moest een middeleeuwse kerk wijken voor de nieuwbouw. Dit is kenmerkend voor Cuypers’ vroege periode: de herbouw van de katholieke kerk als instituut was belangrijker dan het bewaren van het architectonische verleden van de kerk. In datzelfde licht moet ook Cuypers’ kerk in Oudenbosch gezien worden. In dit geval echter zondigde hij, door de opdracht een kopie van de Sint-Pieterskerk in Rome te bouwen, tegen zijn eigen principes over neogotiek en eerlijk materiaalgebruik. Het resultaat was een enorme kerk in de door hem zo verfoeide neoclassicistische stijl, compleet met pleisterwerk en met marmerpatronen beschilderd hout.

2008: Cuypers, de musical
De gezaghebbende architect en bouwmeester Pierre Cuypers heeft zo zijn eigen ideeën over het verleden. In de vele restauraties die hij leidt, wordt menig kerkgebouw rigoureus onder handen genomen, of zelfs helemaal afgebroken om plaats te maken voor zijn romantische ideeën van het verleden. De Roermondse Munsterkerk gaat hij zo drastisch te lijf dat hij door de ophef die daarover ontstaat, in 1865 besluit de stad te verlaten en zich in Amsterdam te vestigen. De zoon van zijn compagnon Stoltzenberg krijgt dan de leiding over de Ateliers Cuypers & Stoltzenberg, een omvangrijk complex van werkplaatsen in Roermond. Terwijl Cuypers met zijn bouwstijl en ideaal van ambachtelijk vakmanschap georiënteerd is op het verleden, is Stoltzenberg junior echt een man van de moderne tijd: het fin de siècle, met zijn blinde optimisme, vernieuwingsdrang, decadentie en het grote geld. Dat blijkt de ondergang van de ateliers Cuypers & Stoltzenberg. Een met hartstocht, visie en vakmanschap opgebouwd bedrijf, met een naam die klonk tot ver over de landsgrenzen, wordt in korte tijd uitgehold en te gronde gericht door winstbejag en bedrog. Een tragedie die zijn weerslag op het persoonlijke leven van Pierre en zijn naasten niet mist. Als hij in 1921 verbitterd sterft, sterft ook zijn ideaal. De nieuwe tijd is niet te stuiten en de door Cuypers’ zo geromantiseerde Middeleeuwen komen nooit meer terug. Dat is binnenkort te zien in Cuypers, de musical.Luister ook mee naar een uitzending van Radio L1 over ‘Het Huis’ van Pierre Cuypers.

 

verder >>